31 December 2014

In de aanloop naar de verschijning van ons nieuwe nummer in januari leiden we onze auteurs en hun bijdragen in. Vandaag: Gustaaf Peek over Daan Stoffelsens essay 'De volle kamer, de veiligheid buiten. Over ronde essayisten en persoonlijke vertellers: Luiselli, Thomése, Mutsaers, Zwamborn'.

De bekroning van zijn essay ‘Waarschuwingen, ravijnen en ziekenhuisgebouwen’ met de Jan Hanlo Essayprijs Klein 2013 heeft alleen maar bekrachtigd wat de ingewijde lezer al had opgemerkt: Daan Stoffelsen (1981) is een essayist van formaat.

30 December 2014

In de aanloop naar de verschijning van ons nieuwe nummer in januari leiden we onze auteurs en hun bijdragen in. Vandaag: Erik Lindner over Annelie Davids 'Gedichten'.

Annelie David (1959) is geboren in Keulen en kwam naar Nederland voor de dans. Als danser en choreografe werkte ze voor onder meer Het Nationaal Ballet, Pure Dance Company en de Danswerkplaats. Gedichten schreef ze aanvankelijk in het Duits, ze kreeg in 2004 de Dunya Poëzieprijs voor Mein Saum schmilzt. Voor het tijdschrift Terras vertaalde ze gedichten van Uljana Wolf en Esther Kinsky, die ze beiden introduceerde met persoonlijke inleidingen. In 2013 debuteerde ze bij uitgeverij Marmer met de dichtbundel Machandel.

29 December 2014

In de aanloop naar de verschijning van ons nieuwe nummer in januari leiden we onze auteurs en hun bijdragen in. Vandaag: Daan Stoffelsen over Stijn van der Loo's 'Kleine kroniek van onschuld, spelen en verliezen'.

In 2012 verscheen Stijn van der Loo’s derde roman, Slopers. Het is een boek dat te weinig aandacht heeft gekregen. Eenmaal gelezen, blijft het hangen. Vettig, afwisselend lyrisch proza over twee boerenzoons, sjacheraars, en hun noodlot. We vroegen hem om een verhaal. Het werd het drama van een jongen die redelijkheid en waanzin al wel uit elkaar kan houden, maar het verschil nog niet ervaart. Dit is de eerste zin: ‘Mijn vader hield zo van voetbal dat hij de rechtstreekse uitzending van een wedstrijd aan de andere kant van de wereld, bij ons midden in de nacht, keek met een handdoek in zijn mond.’

26 December 2014

In de aanloop naar de verschijning van ons nieuwe nummer in januari leiden we onze auteurs en hun bijdragen in. Vandaag: Daan Stoffelsen over Erik Lindners essay 'Den Haag Den Haag drie'.

Voordat Erik Lindner (1968) redacteur van de Revisor werd, was hij vooral bekend om zijn poëzie en kritieken, minder om zijn oorspronkelijk proza. Sindsdien blijken zijn verhalen en essays vaak zeer plaatsgebonden te zijn – net als, Henk van der Waal merkte het al eens op, zijn poëzie: ‘Jij hebt altijd een locatie nodig.’ Zijn Taiwanese verhalen in de Revisor, zijn Berlijn-reeks op Revisor.nl en het Schotse Naar Whitebridge (2013) zijn evenzovele zoektochten naar een mens op een plek, in de taal van een zichzelf telkens opnieuw uitvindende observator.

25 December 2014

In de aanloop naar de verschijning van ons nieuwe nummer in januari leiden we onze auteurs en hun bijdragen in. Vandaag: Erik Lindner over Marieke Rijnevelds gedichten.

Marieke Rijneveld laat alles meebewegen in haar teksten, huizen, bibberende ramen, flatgebouwen die buigen, rokende fabrieken. Het is opvallend wat een denderend ritme haar gedichten hebben. Haar lenig gebruik van metaforen is opmerkelijk, telkens komen de ongerijmde buitenissigheden op hun pootjes terecht.

24 December 2014

In de aanloop naar de verschijning van ons nieuwe nummer in januari leiden we onze auteurs en hun bijdragen in. Vandaag: Jan van Mersbergen over Rick van Leeuwens verhaal 'Emballage'.

Rick van Leeuwen (1981) gaat door voor een cultschrijver. Hij schrijft zintuiglijk. Hij benoemt dat het warm is maar hij zijn stofjas niet uitdoet, dat zijn broek aan zijn achterste kleeft, dat zijn benen zwaar zijn en hij pijn in zijn rug heeft van het werken. Dat maakt zijn personage fysiek.

23 December 2014

In de aanloop naar de verschijning van ons nieuwe nummer in januari leiden we onze auteurs en hun bijdragen in. Vandaag: Jan van Mersbergen over Tjark Holthuis' verhaal 'De zee zien'.

Tjark Holthuis (1980) groeide op in een dorp in het noorden van het land, waar zijn ouders een boerderij hadden, ging in Groningen studeren en belandde na wat omzwervingen als freelancer bij een educatieve uitgeverij. In 2010 is hij begonnen met de Schrijversvakschool Groningen. Sindsdien is hij dagelijks bezig met schrijven en niet schrijven. Dit verhaal is zijn eerste literaire publicatie.

22 December 2014

Maarten Buser (1991) is dichter en neerlandicus. hij publiceerde onder meer in Het liegend konijn, Extaze, Slang en op Passionate Platform. Hij schrijft over poëzie voor onder meer Literair Nederland, 8Weekly en Awater. In Revisor 8 verschijnen een aantal van zijn 'Kleine versjes in proza'.

18 December 2014

In de aanloop naar de verschijning van ons nieuwe nummer in januari (abonnees ontvangen hem nog deze week) leiden we onze auteurs en hun bijdragen in. Vandaag: Daan Stoffelsen over Edwin Fagels essay 'De goddelijke kut. Kunst en poëzie als mystieke daad'.

Op 29 mei 2014, Hemelvaartsdag, ontblootte de Luxemburgse kunstenares Deborah de Robertis haar vagina voor het schilderij l’Origine du Monde van Gustave Corbet. Wat is er tegelijk vanzelfsprekender en schokkender dan deze performance? Vanzelfsprekender, want Courbet had een geslachtsdeel als het hare afgebeeld; schokkender, want Courbet was een man, en de vrouw slechts afbeelding. De Robertis was daartussenin gaan zitten.

17 December 2014

Ik reageerde in De Groene Amsterdammer op Joost de Vries' stuk 'Huisgenoten', waarin hij bij de personages van zes generatiegenoten als gemene deler eenzaamheid en afstand vond. En onmacht, en rouw, en een zoektocht naar authenticiteit, nuanceerde ik - net als jouw eigen hoofdpersoon, Joost. Nog een laatste 'maar waarom dan?' en een nieuwe afslag. 'Geen van hen heeft vrienden, geen van hen heeft een gepassioneerde liefde,' schrijft De Vries. Geen boezemvrienden nee, en de liefdes zijn voorbij - vandaar die rouw. En ze hebben geen ouders.

Dát vind ik interessant. Waar zijn de botsingen tussen vaders en zonen? De familieruzies? Waar is de psychologie van de confrontatie met de ander? Ouders worden stiefmoederlijk behandeld. Daar is niets nieuws aan, realiseerde ik me toen ik Colm Tóibíns New Ways To Kill Your Mother las, en zijn analyse van Austen en James is een begin om de gebroken literaire gezinnen van nu te begrijpen. Want wat is er met deze generatie, dat ze zulke personages in de wereld brengen? En hoe passen de uitzonderingen in dat beeld?

16 December 2014

Jeroen Theunissen (Gent, 1977) publiceerde vijf romans, een verhalenbundel en twee dichtbundels. Zijn roman De omwegen (2013) stond op de shortlist van de Libris Literatuurprijs. Zijn recentste roman heet Onschuld (2014) en gaat over een oorlogsfotograaf die terugkeert uit de Syrische burgeroorlog. In augustus-september 2015 verschijnt de dichtbundel Hier woon je.

15 December 2014

In de aanloop naar de verschijning van ons nieuwe nummer in januari (abonnees ontvangen hem nog voor de kerst) leiden we onze auteurs en hun bijdragen in. Vandaag: Gustaaf Peek over Oppergodinnen, 'Gedichten'.

De Oppergodinnen zijn Cheyenne Golsteyn en Emmy Rongen. Hun bijdrage is een selectie uit een groter werk dat meer dan vierentwintigduizend woorden telt. Ambitie, dat woord lijkt van toepassing, maar ook grootheidswaan. Maar zonder overmoed beweegt niets in de kunsten.

10 December 2014

‘Er is nooit een document van de cultuur dat niet tevens een document van de barbaarsheid is,’ zo stelde Walter Benjamin in zijn Über den Begriff der Geschichte. Benjamin wil met opzet de geschiedenis tegen de haren in strijken. De taak van de geschiedschrijver is het de naamlozen te eren die voor overlevering van de cultuurgoederen hun ‘herendiensten’ hebben verleend. Niet de machthebbers, niet de zogeheten helden, maar de dragers, de werkers.

Als historisch materialist ging Benjamin liever van de producten uit, de artefacten, dan van de heersers en andere beroemdheden. Zelden is Walter Benjamin explicieter dan in deze thesen, het is alsof hij zich inschrijft in de Frankfurter Schule die zich op dat moment (aan het begin van de Tweede Wereldoorlog) al in New York bevindt. Zitten die thesen nu in het fameuze (en mogelijk apocriefe) lederen etui waarmee Walter Benjamin Frankrijk ontvlucht op weg naar Portugal om er de boot te nemen? Dat is niet aanemelijk, al spreekt de ene biograaf de ander tegen. Mogelijk liet Benjamin de thesen achter bij George Bataille van de Bibliothèque Nationale de France in Parijs.

Zeker is dat hij op zijn vlucht stierf, in het Hostal de Francia in de grensplaats Port Bou, verzwakt na de voettocht over de Pyreneeën en gedesillusioneerd omdat de Spaanse Carabinieri hem terug wilde sturen. ‘Niets sterft vrijwillig in Port Bou,’ schreef ik in ‘18 september 1994’ in Tramontane, toch is de doodsoorzaak zelfmoord. Zijn eigen naamloze geschiedenis stierf onderweg.

10 December 2014

In de aanloop naar de verschijning van ons nieuwe nummer in januari (abonnees ontvangen hem nog voor de kerst) leiden we onze auteurs en hun bijdragen in. Vandaag: Jan van Mersbergen over Frans Pollux' verhaal 'Dat je stil blijft staan'.

Frans Pollux (1977) is schrijver, zanger en programmamaker. In 2010 verscheen zijn debuutroman Het gelijk van Heisenberg bij uitgeverij Atlas. Nog voor verschijning werden de rechten verkocht aan de Duitse Aufbau Verlag, die het boek in 2012 als Tage der Flut uitbracht. Voor de regionale publieke tv-zender in Limburg presenteert Pollux een dagelijkse talkshow, AvondGasten. Daarvoor was hij jarenlang de maker van het kunsten cultuurprogramma op de radio, met veel aandacht voor literatuur. Hij treedt op met zijn dialectband Pollux en schrijft toneelstukken en vastelaovesleedjes.

09 December 2014

Het jubileumjaar 2014 nadert zijn einde, maar op het nippertje kregen we Ilja Leonard Pfeijffer te pakken voor zijn keuze uit de periode dat hij redacteur was (2001/1 tot 2009/6). Hij schreef ons: 'Dat liedjesnummer, daar ben ik eigenlijk het meest trots op. Dat was ook het begin van mijn samenwerking met Ellen.' Uit dat nummer, het vijfde van 2006, dat samenging met 'De avond van het liefdeslied' koos Pfeijffer de bijdrage die hij voor Ellen ten Damme schreef: 'Sigaret komt van zuig eruit.'

08 December 2014

In de aanloop naar de verschijning van ons nieuwe nummer in januari (abonnees ontvangen hem nog voor de kerst) leiden we onze auteurs en hun bijdragen in. Vandaag: Erik Lindner over Tina van Barens 'Gedichten'. 

Op het treinstation van Schiphol was enkele jaren geleden een man te zien die onder de douche stond. Je zag zijn hoofd en de waterstraal op zijn haar, geprojecteerd op een muur achter het spoor. Ochtendforenzen die kort daarvoor onder de douche hadden gestaan, keken ernaar of reden erlangs. Ze werden even teruggehaald in de tijd. Een andere video toont een witte hoed die boven een krater vliegt, langs de puntige randen van rotsen, het zou een vulkaan kunnen zijn. En weer een andere video waarin een kopje koffie in een vensterbank staat met erachter een sneeuwlandschap. In het kopje een lepeltje. Er verschijnt een hand in beeld die het lepeltje roert.

05 December 2014

Buren

Auteur versus schrijver XII

Ergens begin november kreeg ik een telefoontje van mijn benedenbuurvrouw, of ik mijn boeken wilde komen signeren. Ik wist dat ze al mijn boeken gekocht en gelezen had, dat had ze me verteld. Nu zei ze er bij: Het gaat niet goed.

04 December 2014

Daniël Bras publiceerde in tijdschriften als Passionate, Tzum, Lava, Krakatau, Meander, Op Ruwe Planken en Kluger Hans. Hij trad de afgelopen jaren veevuldig op. Bras houdt een fotografisch dagboek bij op Facebook van zijn wandelingen door Amsterdam, onder de naam Sale, en geeft een online tijdschrift uit op Youtube: Kwarts.

03 December 2014

Het is een mooie dag. Vandaag maakte de Digitale Bibliotheek van de Nederlandse Letteren de jaargangen 29 tot en met 37 toegankelijk. Met daarin werk van Wessel te Gussinklo, Wiel Kusters, Piet Gerbrandy, A.F.Th. van der Heijden, Kees 't Hart, Em. Kummer, Manon Uphoff, Alfred Schaffer, E. du Perron, Arnold Heumakers, Kester Freriks, Bertram Mourits, Joost Zwagerman (jaargang 29, 2002), Rutger Kopland, Arjan Peters, Abdelkader Benali, Anthony Mertens (jaargang 31, 2004), Jan H. Mysjkin, Gerrit Krol, Huub Beurskens, Maria van Daalen, Max Niematz, Kristien Hemmerechts, L.H. Wiener, Vonne van der Meer (jaargang 32, 2005), Maarten Doorman, Elsbeth Etty, Jaap Goedegebuure, Bart Vervaeck, Gerrit Komrij (jaargang 33, 2006), Micha Hamel, Paul Beers, Willem G. van Maanen (het themanummer), Laurens van Krevelen, Oek de Jong, Jan van Aken, Anne Provoost (jaargang 34, 2007), Jacob Groot (jaargang 35, 2008), antoine de kom (jaargang 36, 2009), Esther Jansma, Tomas Lieske, Anne Vegter, Eva Gerlach (jaarboek voor nieuwe literatuur 1, 2010).

03 December 2014

In de aanloop naar de verschijning van ons nieuwe nummer in januari (abonnees ontvangen hem nog voor de kerst) leiden we onze auteurs en hun bijdragen in. Vandaag: Daan Stoffelsen over S.J. Naudé's verhaal 'Oorlog, bloeisels', in de vertaling van Riet de Jong-Goossens.

Meer nog dan een verzameling woorden, zinnen, verhalen, ‘stukken’, is de Revisor een verzameling schrijvers. Ja, we zijn in de eerste plaats lezers, maar ook collega’s, niet zelden vrienden, we spitten onze mailbox door, we kijken om ons heen. De Zuid-Afrikaanse S.J. Naudé (1970) kennen we door een ontmoeting in Berlijn, nadat Erik Lindner er een jaar had gewoond. Hij debuteerde met Alfabet van die voëls, kreeg er de Jan Rabie Rapport Prize voor en een Jan Rabie & Marjorie Wallace-schrijversbeurs. In het oktobernummer van Granta verscheen een verhaal van hem. 

'Oorlog, bloeisels', werd door Martinus Nijhoffprijswinnaar Riet de Jong-Goossens (1937) vertaald. Dankzij de vertaalster van onder anderen Etienne van Heerden, Marlene van Niekerk en Karel Schoeman kunnen we nu dit bijzondere verhaal over het einde van een ziekte aan u laten lezen.

02 December 2014

De oversteek

Een vervolg op Gustaaf Peeks 'Cocon'

In De Revisor 2007-4 publiceerde de vorige redactie een verhaal van Gustaaf Peek, nu redacteur van dit tijdschrift. 'Cocon' heet het, het verhaal van twee meisjes, het is op Revisor.nl te lezen. In het jubileumjaar 2014 benaderden we auteurs om verhalen uit de Revisor van een vervolg te voorzien. Gilles van der Loo schreef een vervolg op dit verhaal: 'De oversteek'.

Wenda liet de motor lopen. Ze gooide haar telefoon in het vakje naast de asbak en staarde minutenlange seconden naar haar sleutelbos, die onder het contactslot bungelde; naar de kleurige labels en hangers en elastiekjes die er met de jaren aan vast waren gegroeid. Afzettingen, koralen en anemonen die een gezonken ring met schreeuwerig leven hadden bekleed. 
Een schaduw viel over het dashboard. Toen Wenda opkeek stond haar dochter naast de wagen, haar hand tot een knuistje geperst. Wenda leunde over de bijrijdersstoel, trok aan de hendel en duwde de deur van zich af. Masha’s gewicht – alles waaruit haar dochter bestond – was niet genoeg om de vering van een tien jaar oude Civic te doen meegeven. Haar rugtas zakte op haar schoot ineen.

01 December 2014

Cocon

Archief

In De Revisor 2007-4 publiceerde de vorige redactie een verhaal van Gustaaf Peek, nu redacteur van dit tijdschrift. 'Cocon' heet het, het verhaal van twee meisjes. In het jubileumjaar 2014 benaderden we auteurs om verhalen uit De Revisor van een vervolg te voorzien. Gilles van der Loo koos voor 'Cocon'. Morgen publiceren we zijn verhaal 'De oversteek', vandaag Peeks verhaal.

Hun dag begint eerder.
Wenda, vijf jaar, wordt elke ochtend op dezelfde tijd wakker. Ze hoort de vogels in de achtertuin. Ze stapt uit bed en wekt haar zusje. Anna, drie jaar, opent haar ogen. Ze lacht en gaat rechtop zitten. De twee meisjes doen hun groet. Een soort handjeklap, maar hun handen maken geen contact. Het ritueel is zwijgend en vrolijk. Daarna trekken ze hun pyjama’s uit en wijzen ze naar elkaar, naar de donkere plekken, alsof het onweerswolken zijn.
Kijk, daar, een schaap. Kijk, een vlinder.

Omhoog