27 Januari 2017

John Berger, Hugo Claus: de redactie (her)las de veelstemmige spreektaal van een Vlaamse klassieker en de ironische hartstochtbespiegelingen van een groot Engelsman.

*

Jan van Mersbergen: Hugo Claus, De geruchten

Twintig jaar geleden won Hugo Claus met De geruchten de Libris Literatuurprijs. Twee zaken die in De geruchten gecombineerd worden heb ik altijd zelf in een roman willen verenigen: het platteland en het exotische. Mijn eerste opzet voor een volgende roman, die pas in 2019 zal verschijnen, herbergt beiden. Destijds las ik de roman en werd ik vooral gegrepen door de eenvoudige en toch veelzeggende taal. Nu herlas ik hem. Het boek is even sterk gebleven.

Een hele rits ik-vertellers doen stukje bij beetje het verhaal uit de doeken van René Catrijsse, die lange tijd in Afrika zat. Hij is opeens terug in het dorp. Het koloniale verleden van België samen met het onveranderlijke platteland. Destijds was De geruchten voor mij de Vlaamse As I Lay Dying, de roman met dezelfde opzet van William Faulkner, die vijftien vertellers een gezin laat beschrijven die hun overleden moeder terug naar haar geboorteplaats Jackson brengen. De dochter is zwanger, de vader is vooral bezig met zijn nieuwe kunstgebit, een van de zonen is niet helemaal lekker in zijn hoofd.

20 Januari 2017

Vandaag meldde Uitgeverij Querido dat Robert Anker op zeventigjarige leeftijd overleden is. Anker debuteerde in 1979 met de bundel Waar ik nog ben, maar zijn eerste publicatie was in 1977 in De Revisor. In de jaren daarna droeg hij regelmatig bij. Vanaf medio jaren tachtig werd Tirade zijn vaste podium, en daar werd hij ook redacteur. We gedenken een origineel, geëngageerd en goed schrijver, en herlezen - bijvoorbeeld op de DBNL, waar al zijn tijdschriftbijdragen te vinden zijn.

20 Januari 2017

Ivo Victoria, Nanne Tepper, Niña Weijers, Elio Vittorini, Annelies Verbeke: de redactie las warm en gepassioneerd proza, geestige en dreigende korte verhalen, ernstige brieven en permanente focalisatiewisselingen.

*

Daan Stoffelsen: Annelies Verbeke, Halleluja

Deze week tip ik het boek in de maandelijkse Boekenbrief van De Gids, De Groene Amsterdammer en Athenaeum Boekhandel, en volgende week wijd ik er een recensie voor Athenaeum.nl aan, maar er is meer over Annelies Verbekes nieuwe verhalenbundel Halleluja te zeggen. Ik wil in die bespreking ingaan op de verschillen tussen de besprekingen van het boek - overwegend lovend, behalve NRC, Tzum was de rel op het spoor - maar hier wil ik mijn favoriete personage, de auteur, uitlichten. Die duikt op in Dertig dagen, dat de Opzij Literatuurprijs en de Bordewijkprijs won, onder andere in deze scène, maar later wordt het nog wat ongemakkelijker - én in 'Vojtech, Miloslava en Jano', dat in Revisor 12 stond.

Nu weet Verbeke raad met huilbaby's met een voorspellende gave, cellistes als leeuwenvoer, dwalende immigranten, maar vooral ook met schrijvers in een verwarrende wereld.

13 Januari 2017

Cormac McCarthy, P.F. Thomése, Colson Whitehead: de redactie las een verhaal met de juiste toon, een nieuwjaarsgeschenk van een groot stilist, en vertaalde de tweede roman van een literaire held.

*

Thomas Heerma van Voss: Colson Whitehead, De ondergrondse spoorweg

Terwijl ik voor De Groene Amsterdammer een bijzonder bewonderend stuk over Colson Whiteheads roman De ondergrondse spoorweg schreef, las ik een blog van mijn collega-redacteur Jan van Mersbergen over diezelfde roman: hij had het over 'door de hype heen prikken', en schreef onder meer:

'Met woordcombinaties als “degenen die aan haar waren vastgeketend” en “vierden de bewakers hun lusten niet onmiddellijk op haar bot” en “beide keren wisten de matrozen haar plannen te dwarsbomen” en “lagen van hun have” en “de deerniswekkende aanblik die ze bood” wordt het vertellen er niet soepeler op. Mijn criterium is heel eenvoudig: als iemand zo tegen mij praat, pagina”s lang, dan haak ik af. Je kunt het literair vinden, ik vind het erg vermoeiend. Het is alsof Sjakie van Flodder mij een verhaal over slaven in Amerika vertelt, maar dan zonder de ironie die bij het mooie en goed uitgedachte personage van Sjakie hoort.'

Wanneer iemand kritiek uit op een roman dat ik sterk vind, denk ik weleens: die heeft een totaal ander boek gelezen dan ik, die snapt er niets van.

10 Januari 2017

Hoe de wolven dansen

500 à 1000

Er lopen wolven door mijn huis. Ik hoor de deur piepen, de trap kraken. Ik hoor hun poten op de vloer tikken. Beeld ik me dingen in? Nee. Er is heel wat nodig op me op de kast te krijgen. Is er een kans dat er daadwerkelijk wolven door mijn huis lopen?  Ja. Die kans is groot.

Al dagen dwalen er wolven door de wijk. Niet twee of drie. Een roedel. In de krant staat een foto van een wolf die voor mijn huis een driewieler besnuffelt. Twee straten verderop heeft een wolf een oude man in zijn kuit gebeten. Mijn katten zijn al dagen niet meer thuisgekomen. De wijk is bang. Zodra het begint te schemeren, lopen buurtbewoners met zaklampen over straat. Een paar keer per nacht dringt zo’n lichtbundel mijn kamer binnen.

06 Januari 2017

Sebastian Barry, Daniel Kehlmann, John Berger: de redactie las de Costa Book Award-winnaar, essays van de overleden schrijver en de novelle van een bekroond schrijver, spanning, inzicht en overdrijvingen.

*

Thomas Heerma van Voss: Daniel Kehlmann, Je had moeten gaan

Een redactrice die ik niet bij naam zal noemen, leende me onlangs 'Je had moeten gaan' uit met de woorden: 'Ik vind er niks aan. Iedereen is er lyrisch over, vijf sterren in de NRC, maar ik vind het flinterdun en nietszeggend. Ik ben benieuwd wat jij vindt. Je leest het in een uurtje uit.' Ik begon te lezen, deels uit plichtsgevoel, maar vooral omdat ik al jarenlang iets van Kehlmann wilde lezen (Fstaat nog steeds op mijn verlanglijstje, om een of andere reden komt het er maar niet van). En de redactrice had gelijk, Je had moeten gaan is een roman (of novelle?) die je in een uurtje uit kunt lezen: de taal is toegankelijk, de hoofdstukken zijn prettig kort, en het verhaal heeft met zijn 96 pagina's meer weg van een sfeerschets dan van een volwaardige geschiedenis.

02 Januari 2017

2016 was het jaar waarin ik erachter kwam dat pissebedden geen longen hebben maar kieuwen, dat er raadsels bestaan die opgelost kunnen worden en dat je nog zo goed jezelf vorm kunt geven, maar er altijd wel een moment komt dat de dag geen maatpak blijkt te zijn en hij je niet past, want wat je straalt, dat draag je. Ik zit in de trein en denk terug aan het afgelopen jaar waarin ik onder andere nieuwe verhalen en gedichten schreef voor tijdschriften, door de Volkskrant uitgeroepen werd tot literair talent van het jaar, de C.Buddingh’-prijs won met Kalfsvlies, de Saint Amour-tour mocht meemaken en een groot deel van mijn debuutroman afschreef. Kortstondig geluk dat ik alleen op de momenten zelf ervoer, of als een presentator het nog eens benoemde als hij mijn optreden aankondigde. Maar zoals de pissebed continu transpireert om vochtig te blijven en niet dood te gaan, zo werkt het met geluk: we moeten het zelf maken. Zodra ik mijn pak uitdeed of mijn opkomst weg was geapplaudisseerd, was ik het weer vergeten.

Omhoog