Het objectieve subject: de vertaling vervliegt

Daan Stoffelsen heeft een missie. Waar anderen hun schrijverschap ontleden, wil hij begrijpen hoe hij leest. Wanneer wordt een poging tot objectief lezing subjectief genieten? Deze tweede aflevering dwaalt hij meteen al af van zijn pad en raakt verstrikt in vertaalproblemen - een omweg met bijna fatale gevolgen.

Ze keek naar links. In het eikenbosje klonk een geluid dat ze eerder gehoord had, maar niet meteen herkende. Tot de grote, bruine vogel zich losmaakte van een tak.
‘Een vlieger!’ zei Bradwen.
‘Een vogel,’ zei ze.

Ik schreef al eerder over Gerbrand Bakker en over vertaling in ons eerste nummer onder nieuwe redactie. Naar nu blijkt, wist Bakker zelf al hoe verneukeratief vertaling kan zijn, en heeft hij het gewoon zijn derde roman ingeschreven. De 'zij' uit de roman mankeert iets, wát weten we niet, zal ons ook niet duidelijk worden, maar een van de symptomen blijkt nu deze taalverwarring te zijn.

Hij zeilde laag over het land en verdween net als de vorige keer over de nok van het huis, die hij leek te gebruiken als springschans. De ganzen werden er onrustig van.
‘Het is een rode vlieger.’
Ze kreeg het niet voor elkaar. Ze wist dat het iets anders betekende, het kite dat de jongen nu al twee keer uitgesproken had, ergens in haar hoofd zou iets moeten gebeuren; ongemerkt zou zijn Engels háár Engels moeten worden, ze zou simpelweg moeten begrijpen wat hij zei. ‘Vlieger,’ zei ze, in het Nederlands.
‘Wat zeg je?’
‘Vlieger. Ik begrijp niet wat je zegt.’
‘Ik begrijp niet wat jij zegt.’
Het begon te bonzen in haar linkerslaap. Ze wilde ‘kite’ zeggen, dat wist ze precies, haar tong ging toch zeker richting verhemelte, een beetje achterin, maar in plaats daarvan blies ze lucht tussen haar onderlip en boventanden en ontspande haar tong zich, niet eens echt onwillig, en eindigde op de grens van haar tanden en verhemelte. Bradwen begon onbegrijpelijke dingen te zeggen, hij stootte klanken uit, ze keek hem in zijn ogen, beet zich vast in zijn loens, in de hoop dat hij haar op een andere manier dan met woorden, klanken, iets duidelijk kon maken.

Een herseninfarct? Ik ben geen medicus, maar wel een lezer, en zoals Bakkers vrouwelijke hoofdpersoon in De omweg, stuitte ik als lezer inThe Twin telkens op vogels en planten die in een andere taal opeens exotisch leken te zijn, meer betekenis leken te hebben dan het eenvoudig gevogelte in Boven is het stil. Goed, ik ben geen angliciste, voor wie zo'n vogel, vlieger, wouw niet overkomelijk zou moeten zijn, maar blijkbaar stuitte ik op een vergelijkbare taalgrens.

Niet: deze taal is vreemd voor mij. Wel: dit deel van de taal, deze woorden ken ik niet, ze sluiten mij uit, ze maken mij een vreemde. Ja, je weet globaal wat er gebeurt, er is een vogel, geen vlieger, en ja, het is niet je moedertaal, dat weet je, maar nee, je besefte het niet. Je was thuis, in een boek, in een wereld, en toen bleek je toch niet alles onder controle te hebben.

En dat is dan het begin van het einde.

Geen reacties

We willen u nog veel meer vragen, maar er in ieder geval zeker van zijn dat u een mens bent, een lezer, een schrijver, maar in ieder geval geen robot.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.

Archief

Omhoog