Hoe zichtbaar ben jij eigenlijk?

Auteur versus schrijver VI

Schrijven doe je thuis en de uitgever maakt er een boek van. Een papieren boek. Een auteur is de zichtbare schrijver, in de krant, op tv, op leesavonden. Dat is allemaal veranderd. Schrijven doe je op een laptop en publiceren kun je zelf doen, via dezelfde laptop, op internet. En een auteur moet ook zichtbaar zijn op internet. Internet heeft niet alleen het schrijven veranderd het heeft ook het auteurschap veranderd.

Afgelopen week kreeg ik een mailtje van mijn uitgeverij met daarboven de vraag: ‘Hoe zichtbaar ben jij eigenlijk?’

Eronder de kop: ‘Schrijver en uitgever in een veranderde markt.’

En de tekst: ‘Facebook, Twitter, LinkedIn: social media zijn niet meer weg te denken uit het huidige medialandschap. Wie een groot publiek aan zich wil binden, kan daarbij niet alleen meer leunen op goede besprekingen en de goodwill van de boekhandelaar, maar zal zich actief moeten laten zien op het internet. De uitgeverij doet dat en velen van jullie ook, maar hoe zichtbaar ben je daadwerkelijk?’

Uitgeverij Cossee nodigde me uit ‘voor een informatieve bijeenkomst over het strategisch inzetten van sociale media, op dinsdag 17 juni 2014, 15-18 uur in café Schiller, Amsterdam’.

Helaas kan ik er niet bij zijn die avond, ik ben dan in Duitsland voor een gastcollege aan de universiteit van Oldenburg. Gewoon in eigen persoon, voor een groep mensen. Niks internet. Toch is het goed om na te denken over internet en de rol van sociale media. Dus ik keek wat om me heen op internet, met de vraag in mijn achterhoofd wat dit betekent voor schrijvers en auteurs.

Het waren roerige weken in schrijvend Nederland op internet, in april en mei. Actie en reactie, dat was het. Op de Contrabas kondigde Chétien Breukers aan dat hij in reactie op mijn stuk over zijn niet-recensie in de Titiaan mijn laatste roman zal lezen en recenseren. Het laatste zinnetje: ‘Nu dan. Op naar de leesstoel. Om De laatste ontsnapping tot me te nemen en af te maken, of juist niet.’

Er verscheen een column van Özcan Akyol over Amsterdam waarna hij doodsbedreigingen kreeg. Thomas van Aalten reageerde daar weer op.

De Vlaamse krant De Morgen publiceerde een interview met Herman Koch waarin Koch een en ander zegt over leraren, waarna Gerwin van der Werf, zelf een gepassioneerd leraar, reageerde in Trouw en dat artikel werd weer opgepikt door Tzum. En Ann de Craemer schreef een soortgelijk stuk over Kochs boek, en zo liftten ze allemaal mee op de publiciteit van de bestsellerauteur.

Al die artikelen en reacties hebben één ding gemeen: geen ervan gaat over schrijven. Het zijn allemaal afgeleide verhalen met meningen, rumoer, onzin. Ook ademen deze verhalen de wens van erkenning.

Ook zag ik op Facebook veel foto’s van schrijvers die een contract tekenen. Schrijven in beeld, al schrijven ze alleen hun handtekening. Eén keer was ik er zelf bij, toen mede-redactielid Erik Lindner een dubbel contract tekende bij de Bezige Bij.

Ik teken mijn contracten thuis en stuur die terug met de post, of breng de papieren langs. Geen champagne, geen taart. Het is een noodzakelijke overeenkomst die eigenlijk aangeeft dat uitgever en schrijver geen vrienden of familie zijn, maar zakenpartners. Daar wil ik niet de aandacht aan geven die sommige schrijvers wel geven, en redacteuren die soms meer tijd door lijken te brengen met de papierwinkel om de boeken heen dan met de boeken zelf.

Een ander fenomeen op internet is een het recenseren van romans door lezers met één klik, bijvoorbeeld bij Goodreads. Dat is een site waar lezers bij kunnen houden welke boeken hij gelezen heeft, wil lezen, momenteel leest, en meteen kan er een aantal sterren gegeven worden, net als in de kranten.

De schrijver wordt een auteur, de boekhandelaar wordt een kenner en de lezer wordt recensent. Het is een soort Consumentenbond, waar produkten en services stemmen krijgen. Of hotels en vakantieaccomodaties. Of Iens met restaurants. Ik wil soms helemaal niet weten wat al die mensen van mijn boeken vinden. Een persoonlijk mailtje is leuk, maar een eenvoudige stem op een boek is vervelend. Toch kom ik het tegen, op Twitter of op Facebook. Dan staan er op Goodreads een heleboel mooie beoordelingen over mijn boeken maar ook iemand met een vage profielfoto en een erg Hollandse naam die mijn gemiddelde omlaag haalt, en dan ben ik toch getergd. Ik kijk welke boeken zij wel goed vindt. Safran Foer, Eugenides en Martel staan daar tussen, prima schrijvers — maar die doen iets heel anders dan wat ik doe.

Ik vond een vrouw die van science-fiction houdt, en van fantasy. Zij gaf een roman van me één ster. Ze heeft een Chinese naam. Ze schreef: ‘Een hemelrat zou toch meer sprookjesachtige gebeurtenissen moeten opwekken? Of op z'n minst een duidelijke rol (op de voorgrond) spelen?’

Dat is ook internet. Zo’n beoordeling staat ergens en blijft daar jaren staan. Het is openbaar. Het maakt van een schrijver een auteur die op internet gaat zoeken naar meningen over zijn boeken, omdat hij toch wil weten hoe de boeken vallen. Een schrijver moet zich daartegen beschermen.

Mijn Engelse uitgever Peirene organiseerde na het verschijnen van Tomorrow Pamplona een blog-tour langs verschillende blogs over literatuur en boeken, iedere dag werd mijn roman op een ander blog besproken. Het was goed voor de aandacht, maar ook vreselijk, want je weet niet wie die mensen zijn, wat ze gelezen hebben, waarover ze graag schrijven.

Het viel mee. De boekbloggers waren gestreeld in hun ijdelheid, ze kregen een roman en ook erkenning voor hun site. Dat speelt natuurlijk ook. En ze wisten dat ik mee keek. Een goede recensent trekt zich juist daar niks van aan.

Wat geweldig is: de leesexemplaren op Bol.com. Daarop zijn van recente romans de eerste vijftien of twintig bladzijden te lezen. Dat doe ik graag. En als het boek bevalt dan koop ik het, bij de plaatselijke boekwinkel natuurlijk.

Voor vijf euro kocht ik in een tweedehands boekwinkeltje Het boek van Gould. Een roman in twaalf vissen. Er staan tekeningen van vissen in en van ieder hoofdstuk is de tekst in een andere kleur afgedrukt. Een prachtig papieren boek, en bovendien een vertelstem die meteen goeie ideeën geeft, niet over zichtbaarheid of internet, geen beelden die op Facebook kunnen of op Twitter, deze roman geeft ideeën die aansluiten bij een eigen nieuwe roman. Dat geeft internet nooit.

drie reacties

Emile Clemens

Moet je zichtbaar zijn om schrijver te zijn?

Emile Clemens, - 01-06-’14 12:44
Daan Stoffelsen

Om auteur te zijn wel. Het doet de aandacht voor je schrijverschap goed, waardoor je een uitgever vindt. Het doet vervolgens de verkoop goed, waardoor je een uitgever houdt.

Daan Stoffelsen, (URL) - 25-06-’14 10:55
We willen u nog veel meer vragen, maar er in ieder geval zeker van zijn dat u een mens bent, een lezer, een schrijver, maar in ieder geval geen robot.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.
Omhoog