Deze week gelezen (18): Veronesi, Peeters

Koen Peeters, Sandro Veronesi: de redactie las een onderzoekende roman en columns over sport, en zag sterk ritme en sterke taal.

*

Daan Stoffelsen: Koen Peeters, De mensengenezer

Niets menselijks is mij vreemd: ik kon niets met die titel. Zweverig klinkt het. Pleonastisch ook: je hebt dierenartsen, dokters, genezers, de term weerspreekt ons antropocentrisch perspectief. (Fijn zulke dure woorden.) Peeters verbindt met de term de onderwereld van de Eerste Wereldoorlogslagvelden van de Belgische Westhoek, de stille natuurwereld van boeren, de leer van de jezuïeten, de theorieën van antropologen, Freud, Lacan, en de rituelen van de Yaka in Congo. (Een groteske opsomming, maar de eerstehands kennis hiervan is verenigd in één mens.)

Zo begint het: 'Het wezen, er bestaat misschien zoiets als het wezen van de Westhoek. Misschien is het een geest, een daimon, een genius, die niet bestaat als lichaam maar toch sluipt en heerst in het West-Vlaamse landschap.'

(Mooi: hij durft te herhalen. Maar lelijk: die slecht te definiëren termen, hoe verschillen wezen, geest, daimon en genius van elkaar?) Toch wordt de verteller concreet:

'Altijd opnieuw lijkt deze geest te verschijnen: in de huizen, de dorpen en langs de wegen. Het is alsof die geest de hele tijd opstijgt en neerdaalt in het vlakke landschap. Op ijle wijze. Misschien gebeurt de beweging via zonnestralen, lijsters en leeuweriken, of als een haast onhoorbare tamtam, of via een andere stofwisseling of circulatie. Men kan hem horen hijgen tussen de woorden die de mensen zeggen, in het corpus van zinnen en verhalen die men elkaar vertelt.'

Die verteller is Rémi, een boerenzoon van de Westhoek, die nu, na verre omwegen, een praktijk voor psychoanalyse voert. Een oud-student van hem, iemand als Koen Peeters, bezoekt hem, tekent zijn levensverhaal op, probeert zijn theorieën te begrijpen en vertrekt ook naar het Afrika van Rémi's jonge jaren. Rémi's verhaal is er een van moeilijk te duiden, ja bijna irrationele beslissingen - die door zijn fascinatie voor het onzegbare stuk voor stuk op zijn plek vallen.

Peeters' kwaliteit is nu dat hij diens verhaal kaal vertelt, van begin tot het abrupte einde aan Rémi's Afrikaanse missie. Chronologisch, compleet met het abstracte en zweverige dat de noodzakelijke achtergrond biedt bij het verhaal van dit mooie mens, geworteld en gegrond in twee continenten. Maar zónder te duiden - dat is aan ons. Wel wisselt Peeters Rémi's verhaal af met snippers eigen onderzoek, gesprekken met de oude Rémi, reisverslag, commentaar ('Een geest, een genius, een daimon? Wat de oude professor daarmee bedoelde? De opsomming leek wel een dichtregel, een vers uit een klassiek gedicht, een poëtisch lijstje van drie verschillende mythische wezens.'). Ook het concrete en abstracte wisselt hij af, zoals in die eerste pagina's, waarin de geest en de lijsters via onderstaand citaat overgaan in een scène bij eregrafveld.

'In alles wat in de Westhoek wordt gezegd klinkt die galm. Het is een klein gonzend geroffel, alleen opgemerkt door een gevoelige observator. Misschien wordt het ritme, de resonantie via de sporen van hazen in de aarde gelegd. Hazenprenten. Dat zou een mooie theorie zijn: dat oude geschiedenissen per hazenpoot neerdalen en weer opstijgen in al wat groeit. Veelsoortig, onuitroeibaar, elk jaar opnieuw. Deze verhalen verliezen zichzelf in bloemblaadjes. Zachte rode, bloedrode bloemblaadjes. Ik bedoel klaprozen.'

Is dat onzin? Of poëzie, een benadering van een mystieke waarheid? Het is in ieder geval goed geschreven, met een onnadrukkelijke alliteratie, en een cadans. Misschien is ritme de juiste term: een thema, een structuur op zinsniveau én op vertelniveau (Rémi/schrijver, abstract/concreet). Dat klopt - en aan het slot ben je volstrekt overtuigd, maar je weet nog niet waarvan.

De Bezige Bij gaf De mensengenezer uit. Op hun site staan de eerste 24 pagina's (PDF).

Thomas Heerma van Voss: Sandro Veronesi, Een god waakt over je

Met zijn ploeg Lazio Roma verloor voetballer Stefan de Vrij woensdagavond 2-0 van Juventus, in de Italiaanse bekerfinale. Na afloop zei hij: 'We hebben alles geprobeerd, maar Juventus was superieur aan ons.' Een aangenaam ontnuchterend citaat. De Vrij kwam niet, zoals voetballers veel te vaak doen, met omslachtige zinnen over pech of onverdiende tegengoals, hij gaf niet af of de scheidsrechter of op zijn tegenstanders. Nee, in zijn woorden klonk alleen maar een oprecht ontzag door voor zijn tegenstander. Voor de ploeg die al tijden de dienst uitmaakt in het Italiaanse voetbal: Juventus.

Op dat moment was ik halverwege Een god waakt over je, het onlangs door Manon Smits vertaalde boek van Sandro Veronesi. Het is een bundel met stukken over de meest uiteenlopende sporten (soms niet langer dan een column, soms de lengte van een volwaardig artikel), en zoals bij iedere bundel die tientallen bijdrages bevat, is het niveau niet even constant. Maar wat zo fijn is: door de thematische afbakening voelt het geheel nooit al te bijeengeraapt aan. En: Veronesi schrijft bijzonder aanstekelijk. In bloemrijke, springerige zinnen over, bijvoorbeeld, Juventus - de club waar hij vanaf zijn vroege jeugd fan van is, en vaak vanuit zijn geboortedorp Prato naar toe reisde. Zelf heb ik nooit veel sympathie gevoeld voor De oude dame - te verdedigend, te saai, en dan natuurlijk ook nog die cocaïnefinale tegen Ajax in 1996 - maar wanneer Veronesi erover schrijft, word je haast vanzelf enthousiast, zoals je bij het lezen van Een god waakt over je over eigenlijk elk onderwerp enthousiast wordt waaraan hij een stukje wijdt.

Fraai is bijvoorbeeld ‘Verloofde, of nee, bruid’, waarin Veronesi in zijn welbekende zwierige taal vertelt hoe hij een jeugdboek over Juventus terugvindt:

'Hier, in het tumult aan parafernalia die in vijfenveertig jaar zijn verzameld, heb ik het enzym teruggevonden dat mijn Juventus-clubliefde heeft bestendigd in die tijd: een boek getiteld Juventus, fidanzata d'Italia (Juventus, verloofde van Italië), smalend gepubliceerd door een uitgeverij in Florence, Litograph edizioni, dat ik voor mijn tiende verjaardag van mijn vader cadeau kreeg. Deels almanak, deels evangelie [...] vol foto's van vroeger, verhalen, verslagen, statistieken.'

Lang niet alle bijdragen in deze bundel zijn zo persoonlijk, maar net als in dit citaat nodigt de taal je uit om verder te lezen, om mee te gaan in de fascinatie van Veronesi. In de bijdrage na ‘Verloofde, of nee, bruid’ somt hij allerlei verdedigers van Juventus op, keurig onder elkaar, met de ene romantische toelichting na de andere. 'Hoe kan een rots de zee indammen: met vraagteken is dat een nummer van Lucio Battisti, zonder vraagteken is het Giorgio Chiellini.' Eigenlijk is het stuk een langgerekte liefdesverklaring, onstuimig, fraai geformuleerd. Ik lees bijzonder geboeid verder in deze bundel, en ga meer en meer mee in Veronesi's woorden, zozeer dat ik nu ook begin te denken: ja, hij heeft gelijk, en Stefan de Vrij heeft gelijk, Juventus is inderdaad superieur, alle sporters en clubs die door Veronesi beschreven worden krijgen vanzelf iets superieurs.

Prometheus gaf Een god waakt over je uit.

Geen reacties

We willen u nog veel meer vragen, maar er in ieder geval zeker van zijn dat u een mens bent, een lezer, een schrijver, maar in ieder geval geen robot.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.

Archief

Omhoog