Revisor & De Nieuwe Garde zoeken leugenaars!

Revisor en De Nieuwe Garde zoeken liegende essayisten! ‘Gij zult niet liegen.’ Een van de oudste en krachtigste geboden, en wij overtreden hem bijna dagelijks. ‘Als je niet sterk van memorie bent kun je beter geen leugenaar zijn,’ schreef Montaigne, de eerste essayist, in ‘Over leugenaars’.

Revisor is al veertig jaar een podium voor het eerlijkste genre, het essay, en vraagt voor het novembernummer 10 leugenaars schrijvers om een leugen te vergeten of bekennen, erover te twijfelen en nieuwe leugens te verzinnen.

Met bijdragen van Jan Hanlo Essayprijs-winnaars als Marja Pruis, Miriam Rasch, Pieter Hoexum en Daan Stoffelsen, en van Nicolaas Matsier, Marjolijn van Heemstra, Gustaaf Peek, Merel Bem en Mischa Andriessen. En met een essay van jou? We zoeken een nieuwe stem over een eeuwenoud thema, een persoonlijk en literair essay dat de leugen onderzoekt.

Stuur je essay van maximaal 1.750 woorden vóór 1 augustus in via het inzendformulier van De Nieuwe Garde (kies bij beoogd tijdschrift voor Revisor) en maak kans op publicatie!

Eén reactie

Wouter van Staveren

De Reine Maagd en de leugen

Ik lieg eigenlijk nooit, maar soms wel. Ik ben een eerlijk man, en ik hou van eerlijke mensen. Daarom vermijd ik, zo waar dat mogelijk is, de vele hetzers, die in steeds grotere aantallen hun schreeuwbekken open doen op televisie en radio, en dure inkt en mooie bomen en groen gras verspillen om maar wat onnozele artikeltjes – hetgeen in Nederland voor kwaliteitsjournalistiek doorgaat – op papier te stampen, zodat het volk, wanneer het de volgende ochtend wakker wordt, maar nog steeds slaapt, zichzelf kan “ontwikkelen” door te genieten van de waardevolle lectuur die op zijn deurmat ligt. Als ontwikkeling hetzelfde is als vooruitgang, dan moet ik er niks van hebben. De wereld kent al genoeg ellende. Zogeheten vooruitgangstrevers bevorderen de vooruitgang, ofwel de ellende in de wereld. Met zulke mensen loopt het nooit goed af, zoals het volgende verhaal prachtig illustreert.

Ik heb al gezegd dat ik een eerlijk man ben – maar ik ben ook een deugdzaam man. Daarom zal ik de echte naam van de hoofdrolspeler van deze geschiedenis niet noemen. Ik zal de naam “Kees” gebruiken, niet om een speciale reden, maar omdat het een fraaie naam is. Afijn, Kees en ik zaten jarenlang in dezelfde klas op de middelbare school. Hij was een wijsneus, wist altijd alles, en haalde vaak betere cijfers dan ik. Hij was niet bijzonder lelijk maar had wel veel rode vlekken op zijn gezicht, en hij was lang en slungelig van gestalte, waardoor hij met mechanische passen door de hallen liep, het was niet om aan te zien. Wij waren geen vrienden, maar ik had af en toe wel medelijden met hem.

Jaren later, toen Franse striptekenaars op brute wijze om het leven werden gebracht, las ik in de krant een opiniestuk over dat het westen niet zo veel aandacht moet schenken aan dit soort ernstige gebeurtenissen; dat zou ten koste gaan van de goede, stille meerderheid, en nog veel belangrijker: het zou zogenaamde rechts-extremisten in de hand spelen! O, wee! “Laat het laatste uur toch nabij zijn”, was mijn eerste gedachte. Mijn tweede: “Wie is verantwoordelijk voor deze paardendrol?” Ik keek en…jawel, het is mijn Kees. Op de foto was hij nog steeds niet om aan te zien, met rode vlekken en al. Er volgden meer artikelen, en later zelfs deelnames aan talkshows. De onderwerpen: over het “structurele” racisme en seksisme in Nederland en andere westerse culturen; over de praal en pracht van de multicultuur; over diversiteit, gelijkheid enz. Met andere woorden: Kees kon zijn zakken aardig vullen door te mekkeren over de onderwerpen waar linkse oproerkraaiers geil van worden.

En toen? Wel, Kees ging op vakantie naar Thailand – ik hoorde het van een vriend. Daar lag hij op het drukke strand met zijn slungellichaam en zijn rode vlekken, toen er 6 engelen boven het water verschenen, met elk een bazuin in de hand. Toen de nobele engelen op hun instrumenten blazen, werden de golven hoger, alsmaar hoger, totdat ze wel 500 meter hoog waren. Daarna stortte de golven uit over het strand, waardoor Kees in het water werd meegesleurd en verdronk. Verder ging niemand dood en waren er geen gewonden. Om dit te vieren organiseerde het Thaise volk een groot feest, met veel wijn, eten en reine maagden, die kettingen droegen van grote, rode kralen…

Kees had jarenlang leugens verkocht in zijn artikeltjes, hij was vijandig tegen alles wat rechtvaardig en goed is in de wereld: het ware geloof, het vaderland, het volk enz. Hij was een verrader, en een leugenaar. U begrijpt dus wel, dat het nooit goed afloopt met vooruitgangstrevers, en waarom dat zo is.

Het is een aardig verhaal. (Het is mogelijk dat u het daarmee met mij oneens bent, wat zeer verkeerd is, maar toch ben ik niet boos op u, want, naast mijn eerlijkheid en deugdzaamheid, volgt mijn liefdadigheid. Ik heb nog nooit iemand met een glas wijn op zijn kop geslagen.) Toch is het jammer dat de Vijand van dit verhaal, wanneer we de wereld objectief bekijken, nog steeds in leven is. Kees heeft nooit kinderen gehad – dat moet geen verrassing zijn – maar hij heeft zich, ongetwijfeld via donkere, duivelse zijwegen, vermenigvuldigd: er wandelen, vandaag de dag, vele duizenden “Keesen” over onze straten. Net als grote broer Kees hebben deze nakomelingen een ziekelijk uiterlijk, het is alleen zo dat ze allemaal verschillende namen hebben, zoals “Peter” en “Anna” (die zijn er ook – bent u verbaasd?).

U weet inmiddels wel dat ik een grapjas ben. Maar u bent een kieskeurig lezer, u wilt niet slechts een aardige geschiedenis over de leugen horen, neen, u wilt ook dat ik iets diepzinnig zeg over de leugen. Dat is allemaal zeer goed te begrijpen. We leven immers in een wereld waar mensen bang zijn om over ernstige zaken te praten; meestal blijft het bij benoemen. Zo is bijna iedereen verslaafd aan beeldschermpjes. Van sigaretten kan je kanker krijgen, dat is zeker waar, maar van technologie wordt je een krankzinnige…Uren lang, elke dag weer…de triviale video’s en foto’s, berichten die we nieuws noemen, en…en…elke keer weer een ander apparaat of een andere software, wat zeker handig kan zijn, lekker positief toch – terwijl het ons eigenlijk slechts een stapje dichter brengt bij een compleet gemechaniseerde wereld. Zo’n wereld zou buitengewoon wreed en onmenselijk zijn. Een hel. Daar zou iemand een vrolijk gedicht over kunnen schrijven:

Nu is de wereld nog maar een open gesticht.
Wanneer we het echt zat zijn, kunnen we tenminste een wandeling maken in de natuur,
dat hebben we gelukkig nog wel.
Dat is mooi, dat is fijn.
Desnoods drinken we een fles wijn.
“Het verdriet zal eeuwig duren,” zei van Gogh op zijn sterfbed:
zijn weg mogen we ook volgen, dat is een grondwet.

Wel nu, de leugen. Het eerste wat er over de essentie van de leugen – dat is toch wat u wil horen? – te zeggen valt, is dat het een menselijk iets is. Dieren, engelen en de Reine Maagd liegen niet. Maar wanneer een mens zijn muil opentrekt, komt daar dikwijls een hoop onzin uit, een woordenbrij die in het hoofd van de leugenaar voor kennis doorgaat. Aangezien de mens een beperkt wezen is, kan hij betrekkelijk weinig echt weten. Dat is maar goed ook, want anders zou haar hoogmoed het einde betekenen van de wereld. Er zijn velen, die denken dat zij zelf weten wat voor hem of haar het beste is. Dat is niets anders dan een leugen, want mensen denken in deze tijd überhaupt niet na over de eigen persoon, ze hebben namelijk het vermogen verloren om in eenzaamheid voor zich uit te staren, gewoon om te denken. Zonder afleiding, denken ze dat ze sterven.

Het tweede wat er over de leugen te zeggen valt, is dat het onderhevig is aan de logica van de doelrationaliteit. Mensen liegen niet zomaar en ook niet onbewust, integendeel, mensen liegen bewust om een bepaald doel te bereiken, vooral als het om geld of sekszaken gaat, ja dan begeeft de mens zich in de grimmige onderwereld, daar waar reusachtige lustpaleizen de hemel versieren en zakenmannen koningen zijn en veel geld uitgeven aan vrouwen, drank, en dingen die God verboden heeft: drugs, populaire muziek enz. Alles samenvattend: Liegen is dus ten strengste verboden. Vandaar dat ik mij aan het altijd geldende gebod “Gij zult niet liegen” zal houden.

Nu, een bekentenis. Ik heb in mijn leven af en toe een leugen vertelt, maar ik kan u verzekeren, met de hand op mijn hart, dat die leugens slechts “kleine zondes” waren. Ik heb daar wel berouw over. Die leugens staan vast, daar valt niks meer aan te doen. Ik wacht met smacht af op de Reine Maagd die het einde der tijden zal aankondigen, en ik voor de Eeuwige Gestalte moet verschijnen, zodat ik overweldigd word van de liefde die Zijn Gestalte bezit, en de rots van mijn bestaan vergaat, en mijn ziel wordt verlost uit de greep van het graf, tot in de Eeuwigheid.

Wouter van Staveren, - 29-07-’17 16:44
We willen u nog veel meer vragen, maar er in ieder geval zeker van zijn dat u een mens bent, een lezer, een schrijver, maar in ieder geval geen robot.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.
Omhoog