Mails aan een jonge fotografe XX

Onderwerp: licht en relatieve snelheid

Beste C.

(14h33)
Peter Terrin is deze ochtend niet aan de ontbijttafel verschenen. Mijn lieve vrouw had nochtans genoeg eieren voorzien, maar hij is in bed blijven liggen; gisteren is inderdaad uit de hand gelopen: de drank en ons geanimeerd gesprek over literatuur en snelheid hebben hem waarschijnlijk de das omgedaan; als hij vandaag verschijnt is het ongetwijfeld met zonnebril. Maar goed, gisteren waren we het er roerend over eens: de roman wordt genekt door de markt en gedegradeerd tot een product, maar het schrijven - het klonk als een elektrisch axioma vorige nacht - het schrijven is onuitroeibaar! Hoe gelukzalig is het binnen een roman te vertoeven, zijn god en oerknal te zijn! Een schril contrast met het eindpunt, Claire, het boek zelf dat met de schepping vergeleken maar pover uitvalt. Daarom kan ik je teleurstelling begrijpen toen je de resultaten van je fotorolletje in handen had: is het dat maar? Op je vraag hoe je die ene volmaakte foto zou kunnen maken, is er maar één antwoord: ‘Word volmaakt en maak die foto.’

‘Mehr Licht,’ zou Goethe op zijn sterfbed in Weimar geroepen hebben. De verpleegster die bij hem was getuigde dat hij gevraagd had om een tweede venster open te maken zodat er wat meer licht zou binnenvallen. Zo verhoudt de kunst zich tot de werkelijkheid: er is licht en er is duisternis, en voor zijn verlichting moet de kunstenaar betalen. En wat als de verpleegster doof was, of Goethe eigenlijk wilde zeggen: ‘Mehr nicht!’?

Deze nacht is een onweer over het meer getrokken, in de verte een vuurwerk. Meer dan drie uur lang heeft het geweerlicht en gedonderd, flitsen van enorme camera’s… pure verlichting, letterlijk meer licht, maar wie ben ik om je foto’s hier en nu tijdens de siësta in de rieten zetel te beoordelen. De zondagswarmte verlamt mijn gedachten; ik weet niet of ik bij bewustzijn ben of niet. Als schoonheid een bijproduct van het banale is, dan is het meer, het dorp en de bergen eromheen een paradijs van alledaagsheid, onbereikbaar voor adjectieven, pixels of lichtgevoelige film, beste Claire, dat zie ik met gesloten ogen, achter de gesloten luiken van mijn schrijfkamer op de vierde verdieping in de via Marconi n° 41.

(18h42)
Ik heb zopas je mail gelezen in de lounge van Hotel villa Giulia. Ik wilde een dry martini bestellen maar de bar is enkel voor hotelgasten. Ach, dat oude vertrouwde tikken, die oneindige mogelijkheid van combinaties op het toetsenbord, die zekerheid dat mijn mail je vandaag nog zal bereiken, die snelheid van de speedboot hier op het meer… Ik kan mijn handschrift eerlijk gezegd nog met moeite ontcijferen. Ik krabbel op het keienstrand en tijdens het aperitief met de Terrins, soms 's nachts op het terras onder de Italiaanse sterrenhemel; onleesbare tekens die overvloeien in boemerangbuitelingen van Alpengierzwaluwen! Maar nu tik ik als de zomerregen die in de vroege uren het stof in de stille steegjes wegspoelt, hier voor het scherm maak ik deel uit van de kringloop.

Vergeef me, Claire, als ik mezelf herhaal of tegenspreek. Elke avond sluit ik voldaan mijn ogen, iedere ochtend open ik ze vol verwondering. Steeds weer opnieuw ben ik als een kleine gierzwaluw die voor het eerst het nest verlaat en met zijn kleine snavel het rooksignaal boven het meer dat ik ben geworden, doorprikt: wat ben ik toch afhankelijk van het toetsenbord, van de elektriciteit en het idee dat ik met de hele wereld verbonden ben! Ik zit weer midden in de werkelijkheid, de enige plaats waar mijn gedachten er toe doen, waar ik mijn rug weer voel en als een windhaan van oost naar west draai en terug. Loop niet in de val van de romantiek, beste Claire, schrijven is per definitie een romantische bezigheid, fotograferen is dat niet, en we weten allemaal waartoe romantiek kan leiden. (Deze gedachte vormt zich door de paar moleculen van Goethes laatste adem die in mij rondwaren, door het Duits dat hier in het hotel en in heel Gargnano alomtegenwoordig is en door het gesprek dat ik met mijn schrijfbroeder heb gehad.)

En op je vraag wat je moet doen als het regent kan ik alleen maar antwoorden: ‘Binnenblijven of niet.’

Heil en tot snel,
Bart

*

Bart Koubaa's Mails aan een jonge fotografe zijn een eenmanscorrespondentie aan een fictieve fotografe over kunst, beeld en literatuur. Een gasthoogleraar aan de kunstacademie schrijft fotograaf in spe Claire Fisher uit Six Feet Under. Lees hier mails IIIIIIIVVVIVIIVIIIIXXXIXII, XIIIXIVXVXVIXVIIXVIII en XIX.

Geen reacties

We willen u nog veel meer vragen, maar er in ieder geval zeker van zijn dat u een mens bent, een lezer, een schrijver, maar in ieder geval geen robot.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.
Omhoog