Rojstni Dan | Slovenië

Bekende vreemden

Voor Revisor.nl spreekt Richard de Nooy in een nieuwe reeks korte verhalen onbekenden aan. Hij schrijft de verhalen van 'Bekende vreemden'. Bekend, want ze komen ook voor in zijn nieuwe roman (werktitel Vreemdenliefde). Een voorloper was 'Annunaki', verwante verhalen stonden op A Quattro Mani. Na 'Morfine' is dit de tweede aflevering.

*

  1. Je bent bibliothecaresse bij de Mestna Knjižnica in Ljubljana.
  2. Daar werk je al te lang.
  3. Dat is een feit.
  4. Je zou hier graag een korte descriptieve passage willen plaatsen die jouw langdurige verbondenheid met de bibliotheek bevestigt.
  5. Je bent echter niet in staat om die passage zelf te schrijven.
  6. Je leest graag maar schrijft zelden.
  7. Je weet wél dat je niet steeds met ‘je’ zou moeten beginnen.
  8. Je hoeft geen goede schrijver te zijn om bibliothecaresse te worden.
  9. Wel moet je veel over schrijvers weten. En over boeken natuurlijk.
  1. Dat zal niemand verbazen.
  2. Alle boeken zijn geclassificeerd, genummerd en gerangschikt.
  3. Dat geldt zelden voor de feiten.
  4. Buiten de bijbel zijn er maar weinig verhalen waarin de feiten zijn genummerd.
  5. Dat vind je een tekortkoming, vooral omdat je dan moeilijk kan terugverwijzen (zie nrs. 3 en 10).
  6. Sommige mensen lezen graag de laatste zin van een verhaal voordat ze aan een boek beginnen.
  7. Dat weet je uit ervaring.
  8. Dit verhaal eindigt met nr. 3.
  9. Andere lezers willen weten of een verhaal hen zal bevallen.
  10. Dat is moeilijk te voorspellen.
  11. Je moet hun voorkeuren uit het verleden kennen.
  12. Het nadeel is dat ze dan steeds in dezelfde vijver blijven vissen.
  13. Je stuurt de lezer graag naar onbekender, dieper water.
  14. Maar dan moet je eerst weten of ze daarvoor open staan (zie nrs. 19 en 3).
  15. Boeken laten zich gewillig openen, maar dat geldt niet voor mensen (zie nr. 16).
  16. Mensen zijn vaak onpeilbaar en veranderlijk bovendien.
  17. Zo is er een schrijver die vaak over de vloer komt.
  18. Hij werkt graag in de bibliotheek, omgeven door boeken maar ook door gratis verwarming of verkoeling, afhankelijk van het seizoen.
  19. De meeste schrijvers lijden aan geldtekort, maar deze heeft met zijn eerste boek een bestseller geschreven waardoor hij zich geheel kon wijden aan zijn tweede.
  20. Dat is als een lotto van honderdduizend euro winnen, heeft hij ooit verteld. Maar als je daarna niks meer verdient, moet je drie of vier jaar later wéér een lotto van honderdduizend euro winnen.
  21. En dat gebeurt maar zelden. (zie nr. 16).
  22. Tien jaar geleden heb je zijn zeer succesvolle verhalenbundel gelezen.
  23. Je was onder de indruk.
  24. Er stond een verhaal in over een schrijver die een vrouw ontmoet in een bibliotheek.
  25. Je hebt die relatie in het echt zien ontstaan.
  26. Er gaan geruchten dat de schrijver het verhaal heeft gestolen van zijn geliefde, die een uitzonderlijk beroep had.
  27. Eigenlijk gaat het verhaal over dat beroep. Maar ook over schrijven.
  28. De schrijver en zijn geliefde zijn allang gescheiden, maar ze zien elkaar nog eens in het jaar, in de bibliotheek, op haar verjaardag (zie titel).
  29. Je bent daar vandaag weer getuige van.
  30. Ze staan met elkaar te praten. Ze kijken naar jou en lachen. Ze hebben het over jou. En over zijn fantasie. Dat weet je zeker.
  31. Ooit vertelde de schrijver dat hij over jou fantaseerde. Het was een erotische fantasie waarbij hij verschillende seksuele handelingen met jou verrichte tussen de boeken. Je luisterde aandachtig terwijl hij de handelingen lachend omschreef. Het werden meteen ook jouw fantasieën.
  32. Steeds als je hem zag moest je blozen en werd je opgewonden.
  33. Uiteindelijk moesten de gedeelde fantasieën gewoonweg op de proef gesteld worden. Je lokte hem naar de afgesloten kelder van de bibliotheek met de belofte dat daar uitzonderlijke boeken lagen.
  34. Je zou graag willen vertellen wat daar beneden gebeurde (zie nr. 5).
  35. De schrijver vond het teleurstellend en zei dat de werkelijkheid als een droge drol in de schaduw van de fantasie lag.
  36. Je was verbolgen en zei dat de schrijver waarschijnlijk jullie verhaal zou stelen voor zijn volgende roman.
  37. De schrijver lachte en zei dat het soms is toegestaan om verhalen te stelen, mits je ze grondig verbouwt volgens de richtlijnen van je eigen fantasie.
  38. Je was het daar niet mee eens en wees hem op de plicht tot bronvermelding.
  39. Daarom moet je nu toegeven dat de vorm van dit genummerde relaas is ontleend aan het verhaal 'The Great Rebellion at the Stuln Nazi Camp' van de Servische schrijver David Albahari, dat je las in de bundel The Prince of Fire.
  40. Je wil ook het ISB-nummer geven maar merkt hoezeer de feiten een struikelblok kunnen zijn en keert daarom snel terug naar het verhaal.
  41. Je ziet hoe de schrijver en zijn voormalige geliefde vertrekken om hun verhaal verder vorm te geven.
  42. Je wil hen volgen maar kan de bibliotheek niet verlaten.
  43. Je wordt beperkt door de werkelijkheid én je eigen fantasie.
  44. Je houdt van verhalen die afsluiten met een moraal.
  45. Je verwijst naar nrs. 22 en 23.

Geen reacties

We willen u nog veel meer vragen, maar er in ieder geval zeker van zijn dat u een mens bent, een lezer, een schrijver, maar in ieder geval geen robot.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.
Omhoog