, 10 November 2015

Muntje | Bulgarije

Voor Revisor.nl spreekt Richard de Nooy in een nieuwe reeks korte verhalen onbekenden aan. Hij schrijft de verhalen van 'Bekende vreemden'. Bekend, want ze komen ook voor in zijn nieuwe roman (werktitelVreemdenliefde). Een voorloper was 'Annunaki', en n'Morfine''Rostjni Dan''Skeledžija' is dit de vijfde aflevering.

*

Je schrijft een roman over vreemdenliefde. Daar valt een hoop over te zeggen, daarom breng je veel tijd thuis door, alleen, achter de computer. Eigenlijk zou je vaker naar buiten moeten om met vreemden en vreemdelingen te praten, maar dat is tijdrovend en vaak zinloos. De enige vreemdeling die je regelmatig ziet is Tatyana, de Bulgaarse schoonmaakster die wekelijks langskomt om een ochtend lang in huis rond te lopen met een stofdoek in één hand en haar telefoon in de andere. Je praat niet graag met haar, deels omdat je heel druk bezig bent met je nieuwe roman, maar vooral omdat Tatyana zenuwtergend langdradige verhalen vertelt, met veel geweeklaag en volstrekt ongeloofwaardige plotwendingen.

David Grossman schreef ooit dat geheimen vertellen aan een schrijver even riskant is als het omhelzen van een zakkenroller. Dat is een prachtige vergelijking, maar het is natuurlijk volstrekte onzin. Iedere schrijver weet dat de meeste zakken vol nutteloze troep zitten, waartussen soms een muntje blinkt. Als schrijvende zakkenroller moet je juist op je hoede zijn voor mensen die je willen omhelzen of, erger nog, degenen die hun zakken steeds ongevraagd op tafel leegstorten.

Tatyana is een klassiek voorbeeld van de laatste categorie. Haar verhalen zijn soms onvermijdelijk. Dan moet er weer een formulier ingevuld worden voor identiteitsdocumenten of huursubsidie of belastingaangifte, die voor de gemiddelde immigrant volstrekt onbegrijpelijk zijn, vooral als ze zich illegaal wanen en derhalve niet onderhevig aan de wetten, plichten en verwachtingen van land en stad. Immigranten zijn een soort outlaws die zich toch steeds even bij de sheriff moeten melden.

Je voert je gesprekken met Tatyana doorgaans aan het eind van de ochtend, als het gerommel van je schrijversmaag zich niet langer laat onderdrukken door koffie en sigaretten. Je staat dus meestal met honger in je donder naar de klaagzangen te luisteren, die Tatyana steevast weet te koppelen aan haar ambtelijke hulpvragen. Zo heb je stukje bij beetje haar hele persoonlijke geschiedenis voorbij zien komen. Te weten:

  1. Het onverkwikkelijke gedrag van haar ex, Hristo, die inmiddels is teruggegaan naar Bulgarije en van haar weigert te scheiden omdat hij deels afhankelijk is van het geld dat Tatyana met schoonmaken verdient.
  2. Haar zorg over haar twee kinderen, die heen en weer stuiteren tussen hun grootouders, die door de scheidingsplannen ook met elkaar gebrouilleerd zijn geraakt.
  3. Haar overige familieleden in Bulgarije, die steeds geld van haar willen lenen maar zelden terugbetalen en verontwaardigd reageren als zij haar onvrede daarover uit.
  4. Haar nieuwe vriend in Nederland, die graag met haar wil trouwen zodat ze hun eigen gezin kunnen stichten.
  5. De nieuwe vriendin van Hristo, die graag met hem wil trouwen maar weet dat hij het geld niet heeft om een huwelijk te bekostigen. Ze blijkt ook nog eens zwanger te zijn.

Je tafel wordt dus steeds weer volgestort met onbruikbare troep. Maar op een dag leidt Tatyana haar hulpvraag op een totaal andere manier in, waardoor je meteen rechtop gaat zitten, als een zakkenroller die een zakenman in een Burberry jas het perron op ziet lopen.
Ze zegt: ‘Wij zijn toch vrienden.’

Daar heb je niet meteen een antwoord op. Jawel, het antwoord is natuurlijk nee, maar dat durf je niet te zeggen.

Daarom zeg je: ‘Nou, ja, uhm, hoezo?’
Tatyana is niet dom en begrijpt meteen dat ze verkeerd is begonnen en zegt: ‘Ik ben jou als een vriend gaan zien, omdat je me steeds helpt.’
Dat is fijn,’ lieg je, ‘maar ik vind het niet meer dan normaal dat ik je help.’
Daarom wil ik je vragen,’ vervolgt ze, ‘of je mij misschien vijfhonderd euro kan lenen. Ik zal het terugbetalen door gratis voor jullie te werken.’
Vijfhonderd euro? Dat is best veel geld. Waar heb je het voor nodig?’ Dat laatste gaat je natuurlijk geen ene zak aan. Óf je hebt vertrouwen en je leent haar het geld, óf je hebt geen vertrouwen en je doet het niet. Het doel van de lening is onbelangrijk. Je stelt die vraag omdat je dan meer mogelijkheden hebt om nee te zeggen.
Tatyana vertelt dat ze het geld wil gebruiken om Hristo’s huwelijk te betalen, zodat hij van haar zal scheiden, zodat zij met haar nieuwe vriend kan trouwen.

Dat is het muntje. Een bruikbaar verhaal.

Je zegt tegen Tatyana dat je haar verzoek zal bespreken met je vrouw, maar eigenlijk weet je al dat je nee gaat zeggen. Je gaat geen geld lenen aan iemand die vervolgens naar Bulgarije afreist en misschien nooit meer terugkomt. Maar dat durf je natuurlijk niet te zeggen, dus je verschuilt je als een lafaard achter je vrouw. Sterker nog, je bespreekt het niet eens met je vrouw. Je besluit Tatyana de volgende ochtend te bellen, zodat je haar niet in de ogen hoeft te kijken als je haar verzoek afwijst.

s Nachts kan je de slaap niet vatten. Je oefent steeds weer het gesprek in je hoofd. Uiteindelijk besluit je, om je schuldgevoel te sussen, dat je nooit Tatyana’s muntje zal misbruiken voor je verhalenautomaat. Ook dat is een daad van vreemdenliefde, omdat je haar in bescherming neemt tegen haar eigen vrijgevigheid en loslippigheid. Je bent een barmhartige zakkenroller.

Geen reacties

We willen u nog veel meer vragen, maar er in ieder geval zeker van zijn dat u een mens bent, een lezer, een schrijver, maar in ieder geval geen robot.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.
Omhoog