, 25 Augustus 2017

Deze week gelezen: Schermer, Fante en Van Essen

Marijke Schermer, John Fante, Rob van Essen: de redactie leest weer, of eerder, schrijft weer. Na een zomerstop zijn we weer begonnen onze leesindrukken op te schrijven. Wat maakt literatuur slecht/voldoende/goed/uitmuntend? Over leugens, vormelijke zinnen en treffend beschreven gesprekken.

Daan Stoffelsen: Marijke Schermer, Noodweer

Ik las afgelopen weekend Marijke Schermers Noodweer, een kleine roman, herkenbaar en verrassend, precies geformuleerd, dramatisch en gedetailleerd. Toen ik hem uit had, wist ik niet meer hoe ik mijn leugenaarsessay voor het komende nummer van Revisor, werktitel 'Maar waar zijn ze?' verder moest schrijven, anders dan als een uitgebreide recensie van dit boek. Nu een korte recensie dan. De meeste leugens in ons levens zijn geen keiharde onwaarheden. Ze zijn half, vergeten, of simpelweg verzwegen. Maar wat we verzwijgen kan wel keihard zijn, en dat is het geval in het leven van Emilia, de hoofdpersoon van Noodweer, sociologe, medeoprichter van een bureautje voor statistisch onderzoek. Midden in de fase van hofmakerij met haar grote liefde wordt ze verkracht, thuis, door een onbekende man voor wie ze zonder nadenken de deur heeft geopend. Ze hield het geheim.

Zo'n leugen besmet, zet alles onder druk, en echt verwerkt is de gebeurtenis nooit. Kan dat daadwerkelijk? Geen vraag voor deze roman, het is een gegeven dat Emilia herinnerd wordt aan de verkrachting. En ze staat al onder druk: ze is moeder van twee ('Ze schudt haar tas leeg - zakdoeken, tampons, snoep, potloden, een broodkorst, een usb-stick, haarspelden, schriften, een krant, playmobilpoppetjes, geld, losse pasjes, sigaretten, mascara en een speen.'), in een buitendijks huis terwijl het water stijgt, op haar werk zijn er spanningen. Ze analyseert haar relatie, die met haar kinderen, ze twijfelt - moet ze het nu vertellen? De scènes van een jong gezinsleven zijn beklemmend herkenbaar, de herinneringen aan de hofmakerij zijn prachtig licht, de statistische vaststellingen (vergelijk Bart Koubaa's De vogels van Europa, maar dan ernstiger) geven breedte aan dit individuele geval, de noodweermaatregelen van haar echtgenoot geven iets tastbaars aan wat in de basis een psychologische roman is.

Ik houd het kort, dat essay moet ook nog geschreven worden. In de samenvatting lijkt het iets te veel, die stapeling van noodsituaties, maar Schermer houdt het telkens klein en concreet en spannend - al was het maar omdat de onzekerheden niet uitgesproken worden:

'Wat denkt híj eigenlijk? Het is raar dat zij al die jaren niks gezegd heeft, maar hoe vreemd is het eigenlijk dat hij haar al die jaren niets heeft gevraagd?

Als de jongens in bed liggen, begint ze toch maar aan een werkdag. Je verplichtingen nakomen is de minst gecompliceerde manier om aan de krankzinnigheid te ontsnappen.'

Noodweer is uitgegeven door Uitgeverij Van Oorschot. Eerder schreef Marjolijn van Heemstra in deze rubriek over het boek.

Jan van Mersbergen: John Fante, De broederschap van de druif

Af en toe, als de stapel te lezen boeken erg klein dreigt te worden, trek ik een boek uit de kast waarvan ik steeds geloof dat het een goed boek moet zijn  maar waar ik niet doorheen kom, en dat nog een poging verdient. Nog nooit werd mijn eerdere oordeel bijgesteld, en toch kan ik zo staand voor de kast denken dat bepaalde boeken iets moeten hebben wat ik tot nu toe steeds gemist heb.

Zo'n boek was deze maand De broederschap van de druif van John Fante, een schrijver die me altijd teleurstelt maar wel een zweem van kwaliteit over zich heeft want veel uitgevers en schrijvers die ik ken vinden Fante fantastisch. Dus ik weer lezen, over een ouder echtpaar dat wil scheiden. Ik kwam op de eerste paar bladzijden zinnen tegen als: ‘De waarheid was dat dit de eerste beschuldiging van deze aard in vele jaren was.’ En: ‘De aanblik van haar wederhelft in de boeien ontlokte gekwelde kreten aan mijn moeder.’ En: ‘Trillend van verlangen om haar echtgenoot te vergeven kwam mama wankelend overeind...’ En: ‘Tot hun verbijstering, en tot afgrijzen van hoofdagent Regan, wenste Nick Molise niet vrijgelaten te worden.’

Daar wordt deze lezer niet blij van. Het is vormelijk, bedacht, staat ver van gangbare en lekkere spreektaal af en er staan woorden en uitdrukkingen (deze aard, aanblik, wederhelft, ontlokken, gekwelde kreten, trillend van verlangen, wankelen overeind komen...) in die ik nooit gebruik en de mensen waar ik graag mee omga ook niet.

Vertaling, hoor ik jullie denken. No way! In de oorspronkelijke versie lees ik: ‘In truth it was the first accusation in this type in many years.’ En: ‘The sight of her spouse in irons drew cries of anguish from her mother.’ En: ‘Trembling with a desire to forgive her husband, mama rose haltingly.’ En: ‘To their astonishment, and to the disgust to chief Regan, Nick Molise did not wish to be released.’

Deze brakke Amerikaanse zinnetjes zijn door Dirk-Jan Arensman prima omgezet naar brakke Nederlandse zinnetjes. Goed gedaan. Het woord ‘spouse’ wordt toch echt door Fante gebruikt, ik heb het nog nooit een Engelsman of Amerikaan horen zeggen, het betekent inderdaad ‘wederhelft’ en het is een vreselijk lelijk woord dat in tekst een bepaalde lading moet geven, de tekst gedateerd moet maken, het wordt het opzet gebruikt en het mag dus met opzet vreselijk gevonden worden.

Er is één woord in de vertaling dat zeer vaak terug komt: terwijl. Dat is niet alleen een lelijk woord, het zegt ook iets over de verteller. ‘Terwijl haar hakken over de grond hobbelden... Terwijl hij Mario en mama vervloekte... Die afgrijselijke imbroglio eindigde ermee dat Mario in elkaar gezakt in de goot zat, met een bloederige zakdoek tegen zijn neus gedrukt, terwijl mama schreeuwde... En ’s nachts hoorden mensen hem over de uitgestorven straten naar huis zwalken, terwijl hij... Terwijl zijn moeder druk bezig was met inpakken.’

Dat heeft wel iets met de vertaling te maken want Fante gebruikt in die zinnen uiteenlopende constructies en zegswijzen. Nu heeft Arensman al genoeg geworsteld met deze tekst, dat kan ik goed begrijpen. Hij heeft zelfs het woord imbroglio uit wanhoop maar laten staan. Dat betekent verwikkeling, ik heb het opgezocht, maar het woord verwikkeling in een Nederlandse zin gebruiken is ook Arensman te veel, en hij moest er wel iets van maken en heeft Fante op eigen terrein teruggepakt door het Nederlandse versie van imbroglio te gebruiken. Net goed.

Wat het woordje 'terwijl' zegt: deze verteller wil heel veel beschrijven wat op hetzelfde moment gebeurt. Hij kiest niet. Hij volgt niet één personage, hij wil tegelijk ook andere personages volgen. ‘Terwijl het andere personage...’ zegt hij dan. Zijn vertelling wordt op die manier een zwenkende camera, en daar wordt de lezer draaierig van.

Uitgeverij Meulenhoff gaf De broederschap van de druif uit.

Thomas Heerma van Voss: Rob van Essen, Engeland is gesloten

In Engeland is gesloten, de roman die Rob van Essen in 2004 uitbracht, gebeurt er in zekere zin niets. Ten minste, het verhaal wordt niet gekenmerkt door een al te stuwende rode draad, geen verhaal vol grote wendingen. Nee, er is een tegenwoordige tijd, waarin hoofdpersonage Thomas vooral bezig is met het sleutelen aan zijn fiets en vooral gesprekken voert met de postbode die hem wekelijks drukproeven bezorgt (daarmee verdient Thomas zijn geld). Het zijn korte, helder uitgeschreven dialogen, vaak alweer afgelopen voor ze werkelijk begonnen zijn — en het zwaartepunt van de roman ligt dan ook in de verleden tijd: de periode dat Thomas als barkeeper in een Amsterdamse jeugdherberg werd (en verliefd wordt op een Engelse bezoekster). Die hoofdstukken zijn langer, actiever ook, hoewel ook daarin niet bijster veel gebeurt, de activiteit zit vooral in het contrast met het statische heden, waarin Thomas bijna niets onderneemt.

Voor er misverstanden ontstaan: ik houd van verhalen waarin niet veel gebeurt. Waarin het net zo zeer — of misschien wel meer — gaat om de wijze waarop iets gedetailleerd wordt beschreven, waarop wordt ingezoomd op kleine beelden en een afgebakende gedachtewereld. En ik houd van de manier waarop van Essen schrijft: helder, precies, beeldend zonder dat hij verzandt in al te veel terzijdes of mooischrijverij. Het sterkst aan Engeland is gesloten vind ik hoe hij de sfeer in de Amsterdamse horecawereld oproept: naarmate ik in het verhaal vorderde, begon ik de lucht van het verschraalde bier, de muffe gasten, de kelder van die jeugdherberg werkelijk te ruiken. En ik ging mee in de meanderende dialogen die Van Essen daarover schrijft, veelal opgetekend zonder aanhalingstekens, in lange zinnen vol komma’s:

‘We rookten wat, we kusten wat, met meer tederheid maar terloopser dan tevoren, we hielden elkaar vast, ik vertelde wat, zij vertelde wat – we dronken ons bier zo langzaam dat het lauw werd. Haar vakantie was voorbij, morgen ging ze met de boot terug naar Engeland, ‘dit is mijn eerste keer in Amsterdam, ik ben erg moe, wekenlang in treinen gezeten’ – ze vertelde ook over Engeland, haar ouders waren gescheiden en er was ook iets met een zuster, en ze vertelde dat ze naar een kibboets moest maar dat ze daar geen zin in had en dan kon ze wel níét gaan maar zo eenvoudig lag dat niet, moest ik trouwens niet werken straks, zouden we dan niet gaan slapen?’

Zelden heb ik een kroeggesprek met iemand die de verteller amper kent zo treffend omschreven gezien — de veelheid aan informatie, het roesachtige dat beginnende liefde verraadt. Alleen al die zinsnede: ‘Er was ook iets met een zuster.’ Door zulke passages wil ik verder lezen, ook al maakt Thomas verder zo weinig mee — de taal houdt het verhaal in beweging, en houdt mijn aandacht vast. Meer hoeft er soms niet te gebeuren.

Engeland is gesloten verscheen bij Uitgeverij Atlas. Het is wel te koop nog via Boekwinkeltjes.

Geen reacties

We willen u nog veel meer vragen, maar er in ieder geval zeker van zijn dat u een mens bent, een lezer, een schrijver, maar in ieder geval geen robot.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.
Omhoog