, 18 December 2017

Paul (VI)

Aflevering #6 alweer van Shira Kellers feuilleton Paul. 

6. Bersiap

Batavia, 2 december 1945

Iedere avond, vroeger: zodra het licht in de gang uit ging liet mijn broer zich van het stapelbed naar beneden zakken, landde bovenop me, werkte zich onder de deken, dreef zijn been tussen de mijne, arm om mijn middel, en vertelde fluisterend een verhaal dat hij had gelezen of dat hij kende van school. Herinner me het verhaal over Orpheus die zijn geliefde verloor en in de onderwereld afdaalde om haar terug te halen, dat moet hij vaak verteld hebben, ik vind het nog altijd een prachtig verhaal.

Hartstochtelijk schetste hij de koude, onderaardse gangenstelsels, het was alsof ik er zelf liep, de strenge Hades en zijn mooie jonge vrouw, hier en daar verzon hij er een monster bij. Tot slot mijn vraag, elke keer weer even verontwaardigd: ‘Waarom keek hij om?’ Ik snapte er niets van. Hij heeft daar volgens mij nooit antwoord op gegeven. Moest ik opeens aan denken.

We zijn weer thuis! Fritz, Nathan en ik. Ook de djongos en de kokkie wonen weer bij ons, Fritz zegt dat we ze kunnen vertrouwen. (Wel draai ik voor de zekerheid de slaapkamerdeur op slot als ik ga slapen.) Al onze meubels stonden er nog. Het is een regelrecht wonder. In Adek werd me verteld dat Fritz allang dood was. Wie door de kempetai waren meegenomen kon je afschrijven, zeiden ze. Ik weigerde het te geloven, bleef na de capitulatie in het kamp, dat steeds leger werd, steeds maar mannen aan de poort die vrouwen kwamen halen, ik werkte hard om alle verlaten tuintjes bij te houden. Op 23 augustus was het zover. (Misschien moeten we daar maar een feestdag van maken.) Kwam hij het terrein op gelopen, ik herkende hem aan zijn pak, dat moet hij eerst thuis hebben opgehaald, zijn gezicht is een beetje veranderd. Met zijn drieën liepen we naar de poort, de Japanners bogen voor ons, ik dacht alleen maar: wie zorgt er nu voor de tuintjes?

In Duitsland is het helemaal mis gegaan. Heeft Fritz toch gelijk gekregen. Ik dacht dat hij overdreef toen hij zo nodig naar Indië wilde. Met mijn ouders gaat het goed; zijn net op tijd naar Engeland vertrokken, wonen bij mijn broer. Verder is bijna iedereen dood, zeggen ze. Kan me daar niet echt een voorstelling van maken.

De eerste weken kwamen we nog wel in de tuin. Nathan zat veel in de schuur, daar zat hij graag, soms de hele dag, ik weet niet waarom, voor de internering was hij daar nooit. Toen ik hem een keer kwam ophalen voor het eten stond hij met iets boven zijn hoofd te zwaaien, een soort lasso, hij hijgde. Toen hij me zag lachte hij naar me, vrolijk, en liet het ding los, het klapte tollend tegen de houten wand van de schuur, de hele schuur schudde ervan. Zag toen pas wat het was. Een wit katje was het, rossig kopje. Waarschijnlijk was ’ie al dood door het draaien.

Fritz praatte af en toe met de djongos, over technische dingen; de auto of lak voor de schutting, tegen mij zei hij niet veel, hij leek opgelucht als hij naar zijn werk kon, ik liet hem met rust, ik begrijp heus wel dat er dingen zijn waar hij niet over wil praten. Sinds een week gaat hij niet meer. Mag niet meer. Te gevaarlijk. We hebben de deuren gebarricadeerd, planken tegen de ramen gespijkerd, tussen die planken door rook ik mijn sigaretten, het is best donker hier binnen. Het zal wel niet zo lang meer duren. Ze hebben nieuwe troepen gestuurd vanuit Nederland, die Indiërs maken geen schijn van kans tegen zo’n getrainde strijdmacht. In de tussentijd probeer ik het hier gezellig te maken. Overal kaarsjes, ik heb foto’s ingelijst. Draai de hele dag door grammofoonplaten. Och, ik ben zo dankbaar dat we weer samen zijn. Ik heb me voorgenomen in mijn hele leven nooit meer ontevreden te zijn. Misschien gaan we naar Engeland. Ha, stel je voor: motregen, sneeuw! Misschien kan ik daar studeren. Fritz zal geen moeite hebben een goede baan te vinden. Nathan zal het aan niets ontbreken. Hij was te klein het allemaal bewust mee te maken, hij zal zich er niets van herinneren. Moet de hele tijd maar huilen. Ik geloof dat er op deze aardbol nog nooit iemand heeft rondgelopen die meer geluk heeft gehad dan ik.

Geen reacties

We willen u nog veel meer vragen, maar er in ieder geval zeker van zijn dat u een mens bent, een lezer, een schrijver, maar in ieder geval geen robot.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.
Omhoog