Een verkeerd geparkeerde auto

I.M. F. Starik

Je kunt de overledenen eren door hen te lezen, zoals de twee gedichten die F. Starik schreef voor Revisor.nl of andere stukken van zijn hand via de DBNL. Hij overleed vorige week.

Je kunt ook voor hen schrijven. Dat doet Marieke Lucas Rijneveld.

Een verkeerd geparkeerde auto

Ze zijn vergeten het geluid weer aan te zetten, woedend op wat knoppen
zitten drukken, de ramen staan als televisieschermen op sneeuwbeeld en
jij als groot nieuws in het theater van onze weemoed, de kaasschaaf ligt
onaangeroerd op het tafelblad en je hart dat als een verkeerd geparkeerde

auto in de borstkas tot stilstand was gekomen, op dat moment trok ik net
een blikje ansjovis open, een massagraf zou je gezegd hebben, en hoe ik
ze haast lieflijk op de snijplank legde, de olie van hun lijfjes depte, ze daarna
serveerde met wat cherrytomaatjes en speltpasta: hoe minder fotogeniek het

leven, hoe mooier de borden zijn opgemaakt. Wat ik zal missen onderstreep
ik op papier: het uren lang mailen over de aankoop van appelslakken voor in
je aquarium – ik heb ze nooit gezien maar je voelde je een vader voor ze,
wakend aan de andere kant van het water was vaak het beeld dat ik het laatst

zag voor ik insliep, je wang tegen het glas als de slijmerige onderkant van een
slak. Of over mijn glow-in-the-dark dekbed dat jij als zeer gevaarlijk bestempelde;
ik kon het beter in beton laten storten en gekscherend noemde je me kikker, kikker
dit, kikker dat en we dronken tomatensap in café De Zwart, kozen mooie woorden

uit, bespraken ze met een heldere tongval: ochtendnevel, camouflage, steltlopers,
lieslaarzen. En dan alles wat je me leerde over kleine mensen en grote wensen,
over dat vriendschap altijd van twee kanten moet komen, en nu sta ik hier en ben
jij daar, je slakken dragen vandaag speciaal voor jou hun bruine maatpakken.

Auteursportret © Keke Keukelaar

twee reacties

Eric Alink

Integer, teder en knekelmooi gedicht. Als stadschroniqueur van Den Bosch spreek ik twee- à driemaal per jaar een grafrede uit bij de begrafenis van een kind-noch-kraai-dode, na bezoek aan het huis of de sterfplek van de betrokkene. De bundel ‘Een steek diep’ van Frank blijft een kruisje op de schatkaart van de taal. We graven verder, omdat het ongedelfde op ons wacht. Sterkte.

Eric Alink, (URL) - 22-03-’18 23:38
Frans August Brocatus

“Doodgaan is alsof je een televisietoestel uitzet”
(in memoriam F.Starik 1958 – 2018)

Ik sprokkel klinkers en medeklinkers
en kijk vanaf de reling naar beneden in het
water klotst en kletst wat ik niet uitspreek.

Ik wens een einderschip met rode letters op
de boeg, bemand met heimweevolle matrozen,
gevolgd door schreeuwduikende meeuwen.

Het ruikt nog naar het eten van gisteren
in de gang. Je lege schoenen gluren onder
je jas, je lijf en leden zijn verdwenen.

Er is beloofd dat het niet eenzaam zal zijn en
ik weet dat er zo veel witte lelies zullen zijn dat
jij er eigenlijk bij zou moeten zijn om het te ruiken.

F.A.Brocatus
22.03.2018

Frans August Brocatus, - 25-03-’18 13:21
We willen u nog veel meer vragen, maar er in ieder geval zeker van zijn dat u een mens bent, een lezer, een schrijver, maar in ieder geval geen robot.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.
Omhoog