Schrijfdagboek: Vastelaovend is begôs

November 2009

Momenteel werkt Jan van Mersbergen aan een roman die in november 2011 zal verschijnen. Voor De Revisor houdt hij een schrijfdagboek bij. Vanaf het eerste kleine idee is te volgen hoe dit zich langzaam ontwikkelt tot een roman en ook is te zien tegen welke dilemma’s de schrijver aanloopt. Vandaag: Het begin van Vastelaovend.

In de zomer leeft Carnaval alleen in Brazilië. In Zuid-Nederland denkt niemand in de zomer aan Vastelaovend, alleen een enkele schijver die een roman probeert te maken die speelt op de maandag als de optocht voorbij trekt. De afgelopen maanden was het daadwerkelijk schrijven van de roman onmogelijk, simpelweg omdat het te warm was. Een kerstliedje schrijven is ook moeilijk in juli.

Maar nu nadert het begin van Vastelaovend: elf november. De dag dat de ambtsketting van de burgemeester overgedragen wordt aan de Prins en met een groot muziekspektakel op de Markt plaats in Venlo een joeksige tijd ingeluid wordt en er geroepen wordt: ‘Vastelaovend is begôs (Vastelaovend is begonnen).’

Dit jaar reis ik niet af naar elf van elf, maar toch is dit voor mij het moment waarop ik – samen met mijn Vastelaovesvrienden uit Amsterdam – weer na ga denken over het pekske van het komende jaar. Ook luisteren we naar de nieuwe liedjes die zojuist (in oktober) op de liedjesavond gepresenteerd zijn.

Een goed Vastelaovesliedje kan overal over gaan, maar moet het gevoel van Vastelaovend in muziek en in tekst omzetten. Een roman die tijdens Vastelaovend speelt moet – en dit is de ultieme opdracht – hetzelfde doen.

Ik heb inmiddels verschillende artikelen geschreven over de Venlose Vastelaovend (op mijn site, in Venloos Cultureel jaarboek Buun en in De Revisor), twijfel of ik die sfeer en het gevoel kan vangen heb ik nog steeds. Ook daarom luister ik naar de liedjes. Ik moet niet alleen de tekst van de liedjes kennen, ook het gevoel achter de tekst wil ik kennen.

Daarom hier een voorbeeld van een uitermate geslaagd Vastelaovesliedje van Peter Jansen en Wim Janssen, de nummer drie van de Venlose liedjesavond in oktober 2009. Gezongen door Bart Houtermans, Mark Janssen en Jacques-Paul Joosten:

De tekst van het refrein:

*

As ’t moeiste op dees aerd,
dich wuurd aangeprissenteerd,
jao, waat duisse dan, jao, waat duisse dan?
Laote gaon de’s iëwig zund,
as ’t dich toch wuurd gegund,
jao, waat duisse, jao, waat duisse dan?
Wae wet wie ’t morge geit,
dus pak ’t noow heej,
want as ’t drek euverweijt,
dan is ’t veurbeej.
En dan löp d’r, iërlik waor,
emus anders mei vandoor,
jao, waat duisse, jao, waat duisse dan?

*

Hardop meelezen en de volgende keer hardop meezingen en het gevoel van Vastelaovend komt vanzelf. Ook belangrijk: De vraag is belangrijker dan het antwoord.

Mijn planning:

Tot het werkelijke Carnaval veel liedjes luisteren, een mooi pekske samenstellen en de juiste voorbereidingen treffen, dan in februari drie dagen naar Venlo, vervolgens de roman - waarvan ik nu een paar beginnetjes heb - tot een leesbaar manuscript omvormen.

Geen reacties

We willen u nog veel meer vragen, maar er in ieder geval zeker van zijn dat u een mens bent, een lezer, een schrijver, maar in ieder geval geen robot.
Persoonlijke info onthouden?
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.
Omhoog